Hieronder kan je enkele veelgestelde vragen rond je behandeling bij het pijncentrum raadplegen.

Administratie

Welke documenten neem ik mee als ik naar het ziekenhuis kom?

Breng steeds volgende documenten mee:

  • je identiteitskaart
  • formulieren van de verzekering
  • formulieren van je werk
  • resultaten of verslagen van onderzoeken (ECG, labo, RX, consult hartspecialist …)

Allergie

Ik ben allergisch aan bepaalde medicatie, ontsmetting, contrastvloeistof... ? Moet ik dit melden?

Het is van belang dat je ons vooraf inlicht indien je een allergie of overgevoeligheid hebt aan bepaalde medicijnen, ontsmettingsstoffen (jood), kleefpleisters, latex, contrastvloeistof of andere. Om vervelende en soms zelf gevaarlijke nevenwerkingen te vermijden kunnen we deze producten vermijden of bepaalde aanpassingen doen.

Autorijden

Kan ik na mijn behandeling met de auto rijden?

Aangezien je de eerste 12 uur na een behandeling niet met de wagen mag rijden, word je best vergezeld van een chauffeur. Indien gewenst, kan je een taxi laten bestellen.

Diabetes

Waar moet ik opletten als ik diabetespatiënt ben?

De dag van de procedure neem je al je medicatie in zoals je normaal doet. Je hoeft bovendien niet nuchter te zijn, dus indien je suikerspiegel aan de lage kant is, mag je dit gerust compenseren met inname van suikers. Bij heel wat procedures op de pijnkliniek wordt echter cortisone gebruikt. Het is geweten dat cortisone de suikerspiegel sterk kan verhogen. Daarom wordt de eerste drie dagen na de procedure steeds een strikte bloedsuikercontrole gevraagd. Bij te sterke en/of te langdurige schommelingen neem je contact op met je huisarts voor bijkomende maatregelen.

Tekenen van een verhoogde bloedsuikerspiegel zijn:

  • veel dorst
  • droge tong
  • veel plassen
  • vermoeidheid
  • wazig zicht
  • misselijkheid
  • soms sufheid.

Uiteraard gebruiken we ingeval van diabetes een aangepaste dosis cortisone.

Eten/drinken

Moet ik nuchter zijn voor de procedure?

Belangrijk om weten is dat je voor de procedure niet nuchter hoeft te zijn (tenzij expliciet vermeld!).
We raden wel aan om geen zware maaltijden te nuttigen tot drie uur voor de behandeling.

Medicatie

Mag ik mijn medicatie nemen voor een behandeling?

Alle medicatie mag doorgenomen worden behalve bloedverdunners.

Wat moet ik doen als ik bloedverdunners neem?

Voor een behandeling in de pijnkliniek dienen (de meeste) bloedverdunners gestopt te worden. Het kan zijn, afhankelijk van de reden waarom je deze bloedverdunners inneemt dat deze ook dienen vervangen te worden door spuitjes in de buik.
Voor concrete vragen richt je je tot je verwijzende arts of tot je huisarts.

Hieronder vind je alvast een lijst met de meest voorkomende bloedverdunners:

  • Asaflow®, Aspégic®, Cardioaspirine®, Aspirine®, Dispril®, (onvolledige lijst, raadpleeg je arts indien je twijfelt) dienen niet gestopt te worden, zolang de dagdosis kleiner is dan 500 mg per dag. Op de dag van de infiltratie, worden ze weliswaar NIET ingenomen.
  • Marcoumar®, Sintrom®, Marevan® dienen zeven dagen vooraf gestopt te worden, in overleg met je huisarts. Er dient ook tijdelijk overgeschakeld te worden op subcutane spuitjes. Vaak is een stollingscontrole nodig (INR). Gelieve deze uitslag mee te brengen naar het ziekenhuis of in het ziekenhuis voor de procedure te laten gebeuren.
  • Ticlid® wordt 10 dagen gestopt. Plavix®, Brilique® en Efient® zeven dagen. Vervanging door subcutane spuiten is nutteloos.
  • Xarelto®, Eliquis®en Pradaxa® moeten minimaal 48 uur op voorhand gestopt worden.
  • Fraxiparine®, Clexane®, Fraxodi® mogen toegediend worden tot 24 uur voor de infiltratie (dus het laatste spuitje de dag voor de behandeling, ’s ochtends.) Het volgende spuitje mag ten vroegste 6 uur na de behandeling worden toegediend. Na de procedure dienen deze spuitjes nog gedurende drie dagen verder gezet te worden en dit in combinatie met uw normale bloedverdunners. Na één week ga je langs bij de huisarts voor een INR controle.
    Neem contact op met je behandelende arts indien je:
    • een verminderde nierfunctie hebt
    • onlangs een trombose hebt doorgemaakt
    • onlangs een hartinfarct hebt gehad
    • er onlangs een stent werd geïmplanteerd

Zwangerschap

Indien er een kans bestaat dat je zwanger bent , of indien je zwanger bent, moet je dit steeds vooraf melden aan de (pijn)verpleegkundige of de arts. Bepaalde behandelingen vereisen immers X-stralen die schadelijk zouden kunnen zijn voor je baby. In dit geval stellen we een aangepast pijnbeleid op.