Symptomen en oorzaken

Wat is het?

Kanker in de lever is doorheen de bevolking gekend en gevreesd. In de westerse wereld worden, in de overgrote meerderheid der gevallen, uitzaaiingen naar de lever (metastasen) van kwaadaardige ziekten van andere organen vastgesteld.

Kanker die ontstaat in de lever zelf (primair hepatocellulair carcinoom) is veel minder frequent en ontstaat meestal bij langdurige aandoeningen met fibrose en cirrose tot gevolg. De belangrijkste oorzaken van primaire leverkanker zijn hepatitis B, C en D, alcoholische cirrose, stapelingsziekten (zoals hemochromatose) en niet-alcoholische steatohepatitis.

Alle patiënten met een levercirrose (verschrompeling van de lever) of een chronische leverontsteking hebben een hogere kans op het ontwikkelen van een tumor in de lever: het hepatocellulair carcinoom (HCC, levercelkanker). Meer dan 80% van de patiënten met een HCC hebben levercirrose. Het hepatocellulair carcinoom is wereldwijd de zevende meest voorkomende kanker. Er is een sterke toename in voorkomen in onze streken, daar epidemiologische studies erop wijzen dat de laatste 20 jaar de tumor verdriedubbeld is in frequentie.

De symptomen zijn ernstige vermoeidheid, buikpijn, slechte eetlust en bij een grote tumor kortademigheid. Het is een maligne (kwaadaardige) tumor waarvan de behandelingsmogelijkheden afhangen van het stadium op het moment dat de tumor ontdekt wordt. Patiënten die tot een risicogroep behoren dienen gecontroleerd te worden op het eventuele ontstaan van zo een tumor. Dit kan door een echografie of een CT scan of MRI scan te maken, en door in het bloed het niveau van het alfa-foetoproteïne te bepalen. Het alfa-foetoproteïne is een tumormarker, een stof die door de tumor wordt gemaakt die gebruikt wordt om een tumor op te sporen of te volgen.

Diagnose en behandeling

Onderzoek

De verdenking op primaire leverkanker kan ontstaan op basis van echo, CT-scan en MRI-scan van de lever.

Behandeling

De behandeling bestaat indien mogelijk uit chirurgie (operatie) of levertransplantatie. Als chirurgie niet mogelijk is dan zijn er andere mogelijkheden om de tumor te behandelen zoals Trans Arteriële Chemo Embolisatie (TACE). TACE is een vorm van chemotherapie bij leverkanker die lokaal tot aan de tumor wordt gebracht om de tumor in de lever te vernietigen. We gebruiken hiervoor plastic bolletjes (partikels) die geladen zijn met speciale medicijnen tegen kanker (chemotherapeutica). Bij gevorderde vormen van het HCC bestaat de behandeling uit het toedienen van medicatie die de groei van kankercellen en/of de bloedvatvorming van de tumor remmen of zelfs stoppen. Het eerste geneesmiddel hiervoor was sorafenib, maar sinds enkele jaren zijn er verschillende nieuwe geneesmiddelen goedgekeurd bij patiënten die sorafenib niet verdragen of bij wie de tumor verergert ondanks sorafenib. Regorafenib, cabozantinib, lenvatinib en ramucirumab zijn sinds 2017 goedgekeurd als eerste- of tweedelijnstherapie bij HCC. Sinds enkele jaren heeft ook de immunotherapie in de behandeling van HCC zijn intrede gemaakt. In het digestief centrum zijn er verschillende klinische studies met immunotherapie voor HCC lopende. Welke behandelingen er precies per patiënt mogelijk zijn, hangt van diverse factoren af en wordt samen met een multidisciplinair team met de patiënt besproken. Ook klinische studies kunnen soms een uitweg bieden en u toegang geven tot de allernieuwste behandelingen.

Behandelende centra & specialisaties

Digestief Centrum

Laatste publicatiedatum: 07/04/2020
Verantwoordelijk auteur: Dr. Vanderstraeten Erik