Symptomen en oorzaken

Wat is het?

Herpes genitalis is een seksueel overdraagbare aandoening die wordt veroorzaakt door een virus; in de meeste gevallen het herpes simplex type 2 virus (HSV-2). Dit virus veroorzaakt een infectie van de huid en slijmvliezen in en rond de geslachtsdelen.

Besmetting met herpes genitalis kan alleen door seksueel contact tussen personen, van wie de één herpes heeft en de ander niet. Je kunt geen herpes genitalis krijgen als je alleen maar 'in de buurt' bent van iemand die herpes heeft. Je moet met de uitslag op de huid of het slijmvlies van mond, penis, vagina of anus in aanraking komen om besmet te worden.

Het is mogelijk de herpesinfectie via de eigen vingers over te brengen naar een ander deel van het lichaam zoals de ogen. Je kan ook op deze manier een herpesinfectie aan één of meer vingers krijgen. Daarom wordt aangeraden het ontstoken gedeelte met blaasjes en zweertjes zo min mogelijk aan te raken en de handen na eventueel contact altijd goed te wassen.

Herpes genitalis en zwangerschap

Als je herpes genitalis hebt gehad, kan je gewoon zwanger worden. Het is wel erg belangrijk dat je het aan de controlerende huisarts of verloskundige vertelt.

Symptomen

Evoluerende klachten

De typische huidletsels zien er niet in elk stadium van de ziekte hetzelfde uit: deze huidletsels evolueren en veranderen van uitzicht. Als je een herpesinfectie heb opgelopen, kan je binnen ongeveer één week de eerste klachten krijgen. Vaak is er sprake van jeuk en een geïrriteerd, branderig gevoel. Er ontstaan rode plekjes op de huid of slijmvliezen.

Een tot anderhalve dag later worden dan blaasjes of zweertjes zichtbaar op of rondom de penis, de schaamlippen, de ingang van de vagina of de anus. De blaasjes en wondjes zijn dan niet goed te zien. Het besmettingsgevaar is het grootst rond het moment dat iemand blaasjes of zweertjes heeft.

De ernst van de klachten is per persoon verschillend. Eerste aanvallen kunnen gepaard gaan met pijn, koorts, opgezette klieren in de liezen en soms afscheiding uit de vagina. Vooral vrouwen hebben dan vaak pijn bij het plassen. Na anaal contact met iemand die herpes heeft, kan een ontsteking van de endeldarm ontstaan. Dit gaat soms samen met bloed- of slijmverlies en pijn bij de ontlasting. De blaasjes en zweertjes drogen na ongeveer drie weken en genezen meestal zonder littekens.

Als het afweersysteem erg verzwakt is, kan een herpes genitalis-infectie veel ernstiger verlopen en langduriger zijn. Dit is bijvoorbeeld het geval als je een HIV-infectie hebt of als je geneesmiddelen gebruikt die het immuunsysteem onderdrukken (bv. cortisone).

Terugkerende klachten

Als de klachten van de eerste infectie verdwenen zijn, lijkt het of het herpesvirus uit het lichaam is verdwenen. Dat is helaas niet zo. Het virus heeft zich namelijk uit de huid teruggetrokken in een zenuwknoop. Daar blijft het in sluimerende toestand aanwezig. Het virus kan zich echter opnieuw vermenigvuldigen en weer blaasjes op huid of slijmvliezen veroorzaken. Hoe vaak een aanval terugkomt, is niet te voorspellen. De ene persoon heeft bijna iedere maand een aanval, anderen zelden of nooit meer. Dat is dus voor iedereen anders.

Terugkerende aanvallen verlopen in het algemeen minder ernstig dan de eerste aanval. Het is onbekend waarom de aanvallen bij de ene persoon vaak terugkomen en bij de ander maar af en toe of zelfs nooit meer. Wel is bekend dat een goede algemene conditie belangrijk is. Aanvallen treden voornamelijk op in situaties waarin het afweersysteem minder goed werkt. Bijvoorbeeld vlak voor de menstruatie of tijdens een griepaanval. Maar ook stress geeft een verhoogde kans op aanvallen.

Diagnose en behandeling

Hoe wordt de diagnose gesteld?

Als je vermoedt dat je herpes genitalis hebt, is het belangrijk zo snel mogelijk naar een arts te gaan. Deze kan vaststellen of je inderdaad een herpesinfectie hebt. Vanwege het besmettingsgevaar is het voor jou en je partner(s) van belang om te weten of het om deze SOA gaat. Bovendien kan de arts, als je je tijdig laat onderzoeken, een middel voorschrijven dat de duur van de aanval kan verkorten en de ernst kan verminderen.

Voorafgaand aan het onderzoek zal de arts een aantal vragen stellen over lichamelijke klachten en andere verschijnselen, (on)veilig seksueel contact en mogelijke besmetting van of door je partner(s).

Tijdens het lichamelijk onderzoek worden de geslachtsdelen en anale regio bekeken.

Om een zekere diagnose te stellen wordt meestal vocht uit de blaasjes of zweertjes afgenomen en voor onderzoek naar het laboratorium gestuurd.

Soms wordt voor alle zekerheid ook onderzocht of je een andere SOA hebt.

Behandeling

Er bestaat geen geneesmiddel dat het herpesvirus helemaal uit het lichaam laat verdwijnen. Daarom kan het virus steeds weer de kop op steken. Een goede lichamelijke en geestelijke conditie draagt bij aan vermindering van het aantal aanvallen. Pijnstillende middelen zijn soms nodig. Het gebruik van crèmes heeft meestal maar weinig effect.

Remmende geneesmiddelen

Er zijn wel middelen beschikbaar die effect hebben op de duur van de aanvallen, zoals valaciclovir (Zelitrex), aciclovir (Zovirax) en famciclovir (Famvir). Deze stoffen remmen de vermenigvuldiging van het virus in het lichaam en voorkomen daardoor verdere uitbreiding van de aanval. De ernst van de klachten vermindert en de duur van de aanval wordt verkort. Het is wel belangrijk dat je zo snel mogelijk na het begin van de aanval begint met de behandeling.

Informeren van de partners

Bij een vaste partner is het zeker aan te raden de herpesinfectie te bespreken. Het kan zijn dat de partner al eerder geïnfecteerd is in de huidige of een eerdere seksuele relatie zonder daar klachten van te hebben gehad. Bij losse of wisselende partners wordt informeren of waarschuwen niet als strikt noodzakelijk gezien. Als je weet van wie je mogelijk de herpesinfectie hebt gekregen, is het goed om hem of haar te informeren. Dit kan namelijk helpen bij het beperken van de verdere verspreiding van het virus.

Voorkomen van besmetting

  • Als jij of je partner een aanval van herpes doormaakt (dat wil zeggen: klachten en verschijnselen hebt/heeft), is het beter om geen geslachtsgemeenschap te hebben. Als je toch geslachtsgemeenschap hebt, gebruik dan een (vrouwen)condoom.
  • Het is beter geen orale seks te hebben als jij of je partner een koortsblaas op de lip hebt/heeft of als er op de penis of schaamlippen, of rond de anus verschijnselen van herpes genitalis zijn.
  • Vermijd zoveel mogelijk om de blaasjes aan te raken. Door de geslachtsdelen van een partner die een aanval van herpes genitalis heeft aan te raken, kan besmetting plaatsvinden als je daarna met de handen aan de eigen geslachtsdelen komt.

Er is geen volledige bescherming tegen besmetting met herpes genitalis. Ook niet als je weet dat je partner geïnfecteerd is met het virus en je voorzorgsmaatregelen treft. Je kunt bijvoorbeeld een herpesinfectie hebben zonder dat je zelf klachten hebt. Er zijn dan geen blaasjes of rode plekjes, maar je kan wel besmettelijk zijn voor anderen. Je kunt het virus ook ongemerkt overdragen omdat de blaasjes op plaatsen zitten waar je ze niet (goed) kunt zien, bijvoorbeeld op de baarmoedermond of in de anus. Omdat een condoom de geslachtsdelen nooit helemaal bedekt, is besmetting ook mogelijk als de blaasjes buiten de condoomrand zitten. Door zorgvuldig te handelen en beschermd te vrijen, kun je de kans op een herpesinfectie wel sterk verminderen.

Behandelende centra & specialisaties

Urologisch centrum

Laatste publicatiedatum: 07/03/2020
Verantwoordelijk auteur: Dr. Ameye Filip