Je zwangerschap melden aan je werkgever

Het is nuttig om je werkgever zo vroeg mogelijk in te lichten over je zwangerschap en de vermoedelijke bevallingsdatum, bij voorkeur door middel van een medisch attest, per aangetekend schrijven of door persoonlijke overhandiging (voor ontvangst getekende kopie).

Bepaalde ongezonde werkzaamheden zijn verboden voor zwangere werkneemsters of voor werkneemsters die borstvoeding geven.

Bij wet verboden werkzaamheden en werkomstandigheden:

  • blootstelling aan lawaai,
  • blootstelling aan hoge temperaturen,
  • blootstelling aan scheikundige stoffen,
  • mechanische trillingen,
  • gevaar voor besmetting,
  • dragen van zware lasten gedurende de laatste drie maanden van je zwangerschap

De bedrijfsarts stelt vast of een bepaalde arbeid gevaarlijk is. Is dat zo, moet de werkgever, de werkneemster een ander werk in de onderneming geven. Is ander werk binnen de onderneming onmogelijk, dan heeft ze recht op een uitkering wegens arbeidsongeschiktheid ten laste van het ziekenfonds (profylactisch verlof). Hiervoor heeft het ziekenfonds een bewijs van arbeidsongeschiktheid nodig van de bedrijfsarts en een verklaring van de werkgever waaruit blijkt dat het onmogelijk is om de werkneemster ander werk te geven binnen de onderneming.

De wet beschermt de werkneemster tegen ontslag vanaf het ogenblik dat de werkgever op de hoogte is van de zwangerschap tot een maand na het postnataal verlof. Als de werkgever een werkneemster tijdens deze periode ontslaat zonder grondige reden, moet hij een vergoeding betalen: forfaitair loon gelijk aan het brutoloon van zes maanden.

De werkgever inlichten over een zwangerschap is verplicht uiterlijk 8 weken vóór de vermoedelijke bevallingsdatum.

Kraamgeld/geboortepremie aanvragen

Een geboortepremie is een eenmalige som die ouders krijgen bij de geboorte van een kind. Deze premie wordt ook kraamgeld genoemd. De geboortepremie bestaat zowel voor werknemers als voor zelfstandigen. De bedragen zijn voor beide hetzelfde.

Deze premie kan men aanvragen vanaf de zesde maand van een zwangerschap.

De vader vraagt meestal de geboortepremie aan. Als hij geen werknemer is, vraagt de moeder de geboortepremie aan.

Vraag de geboortepremie aan bij:

  • het kinderbijslagfonds van de werkgever
  • het kinderbijslagfonds van de laatste werkgever, indien werkloos, ziek of gepensioneerd
  • de Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers, indien nog nooit gewerkt, grensarbeider of werkzaam in het onderwijs
  • het sociaal verzekeringsfonds, indien zelfstandig

Zwangerschapsverlof

Prenatale rust

Je bepaalt zelf wanneer je zwangerschapsverlof aanvangt. Van de zes weken prenatale rust moet je evenwel minstens 1 week opnemen vóór de vermoedelijke bevallingsdatum. De overige vijf weken mag je omzetten in postnatale rust.

Postnatale rust

De postnatale rust begint steeds vanaf de bevallingsdatum en moet 9 weken tellen. Ze kan worden verlengd met het overdraagbare gedeelte van de prenatale rust. De postnatale rust bedraagt dus maximaal 14 weken (9 weken postnatale rust + 5 weken omgezette prenatale rust).

Bij aanvang van je zwangerschapsverlof

Je bezorgt de adviserend geneesheer van je ziekenfonds een doktersattest of een getuigschrift van arbeidsongeschiktheid. Hierop moet vermeld staan vanaf wanneer alle activiteiten worden stopgezet en wanneer de bevalling vermoedelijk zal plaatsvinden. Je ontvangt van het ziekenfonds een inlichtingenblad en een bewijs van werkhervatting. Het inlichtingenblad moet je zo snel mogelijk invullen en terugbezorgen aan je ziekenfonds. Je werkgever krijgt de vraag naar de loongegevens rechtstreeks van het ziekenfonds. En - indien van toepassing - levert ook de werkloosheidsdienst de gegevens rechtstreeks aan.

Na de geboorte

Je bezorgt het ziekenfonds een uittreksel van de geboorteakte of een medisch getuigschrift dat de geboorte bevestigt.

Na afloop van de zwangerschapsrust

Uiterlijk acht dagen na het einde van de moederschapsrust stuur je het bewijs van werkhervatting ingevuld terug naar het ziekenfonds.